Interview
Vraag: Elly, kan je iets meer over jezelf vertellen?
Antwoord: Ja, hoor. Wat wil je weten?
Vraag: Kan je mij vertellen waarom je deze site bent begonnen?
Antwoord: In 1988 hadden we contact met Jan de Groot van het Kervel (http://www.deark.info). In dat jaar hadden Jan en zijn vrouw vrijstelling van de leerplichtwet gekregen voor hun oudste dochter. Toen we dat hoorden en zeker toen wij Jan's argumenten hoorden voor thuisonderwijs, waren wij er van overtuigd dat, als God ons kinderen zou geven, we thuisonderwijs als optie zouden bekijken. Natuurlijk ga je dan niet over een nacht ijs. In de tijd daarna heb ik alles wat ik over thuisonderwijs kon vinden gelezen, werd lid van mailinglijsten op internet. En bezocht lezingen die Jan de Groot organiseerde over o.a. opvoeding en onderwijs. (Jan doet trouwens nog steeds). Onze conclusie was dat thuisonderwijs deed zeker niet onder voor het onderwijs op scholen en dat het op die manier mogelijk was om onze onderwijs te onderwijzen dat past binnen onze levensovertuiging.
Wat mij al spoedig duidelijk was geworden was dat je er voor moest zorgen dat je kind niet inschreef op een school en dat je een maand voordat hij/zij leerplicht wordt, een brief naar de Burgemeester en Wethouder van je woonplaats moet sturen. Mijn wens was op een gegeven moment om meer ouders van deze regel op de hoogte te stellen. Het is onder de huidige wetgeving voor ouders veel makkelijk om vrijstelling te krijgen als de kinderen nog niet naar school zijn geweest. Aangezien dit in Nederland nog een vrij onbekend fenomeen was, heb ik een website gemaakt om ouders te informeren over thuisonderwijs. Toen onze oudste ongeveer 4 jaar was, heb ik ook gesproken met ouders die al ervaring hadden met thuisonderwijs. De antwoorden die ik op mijn vragen heb gekregen heb ik ook verwerkt op mijn website.
Vraag: Je had het net over je oudste. Hoeveel kinderen heb je?
Antwoord: Ik heb een meisje en twee jongens. Drie kinderen dus. Toen mijn oudste 4 jaar was, ben ik officieus begonnen met thuisonderwijs, dat was in 1997.
Vraag: Hoe reageren mensen op het feit dat je je kinderen thuisonderwijs geeft.
Antwoord: Zeker in de beginfase werd er soms heel fel gereageerd. Nu thuisonderwijs wat vaker in het nieuws is gekomen worden de reacties wat genuanceerder. Toch merk ik dat onbekend onbemind maakt. Sommige mensen zitten zo vast aan oude gewoontes dat ze hier maar moeilijk van loskomen. Met oude gewoontes bedoel ik eigen de traditionele gedachten. Alle kinderen moeten naar school en dat is de enige plek waar kinderen kunnen leren. Als mensen horen dat we door de rechter zijn vrijgesproken van de leerplichtwet gaan er meestal uit dat ik dan een onderwijsbevoegdheid heb. Ik ben wel onderwijskundige maar heb geen onderwijsbevoegdheid.
Vraag: Je bent onderwijskundige?
Antwoord: Ja, dat klopt. Ik heb in 1987 mijn opleiding Toegepaste Onderwijskunde aan de Universiteit Twente afgerond. Een van de voordelen van deze opleiding vind ik dat ik wat breder ben gaan nadenken over onderwijs en de vorm waarin dit onderwijs kan worden gegoten. Tijdens de opleiding was er bijvoorbeeld ook aandacht voor onderwijsvernieuwers als Montessori, Peter Petersen (Jenaplanonderwijs), Helen Parkhurst (Dalton onderwijs), Ivan Illich en onze eigen Kees Boeke. Het werd mij duidelijk dat kinderen niet perse in een klas hoeven te zitten met leeftijdsgenootjes, maar dat het ook heel goed werkt om in heterogene groepen en in eigen tempo te laten werken. Daarnaast werd het mij duidelijk dat eigen verantwoordelijkheid en het taakgericht leren werken voor een kind heel belangrijk is. Een groot voordeel van deze opleiding vind ik dat het mij heeft geleerd om verder te kijken dan de vier muren van een reguliere school. Ik zeg altijd maar dat er meer wegen naar Rome gaan. Met thuisonderwijs heb je de mogelijkheid om maatwerkonderwijs voor je kind te maken. Het is namelijk niet zo dat alle kinderen op dezelfde manier de leerstof het beste tot zich kunnen nemen, maar elk kind heeft zijn eigen voorkeur. Binnen thuisonderwijs heb je de mogelijkheid om kinderen met een voorkeur voor kinetisch of motoriek leren, dit te laten doen.
Vraag: Vind je thuisonderwijs beter dan regulier onderwijs?
Antwoord: Ik vind niet dat je dat zo kan stellen. Laten we eerlijk zijn: het reguliere onderwijs valt en staat met de docent die voor de klas staat. En ik ben er van overtuigd dat er in Nederland gedreven docenten zijn die naar eigen vermogen het beste uit een kind willen halen. Ik zal nooit zeggen dat regulier onderwijs slecht is en thuisonderwijs goed. Ik vind dat je voor elk kind en gezin moet bekijken wat het beste is voor dat kind en voor dat gezin. Ik ken ook ouders die zeggen dat ze geen thuisonderwijs zouden kunnen of willen geven. Voor dit soort gezinnen is een goede school een goede vorm van onderwijs. Maar ik ken ook gezinnen die heel veel ellende op school hebben meegemaakt, waarbij kinderen heel erg in de knel zijn komen te zitten. Voor die gezinnen zou thuisonderwijs een oplossing zijn, mits de ouders bereid zijn om zich hiervoor in te zetten.
Vraag: Kan elke ouder thuisonderwijs geven?
Antwoord: Naar mijn menig wel, mits deze ouder geestelijk gezond is. Het blijkt in onderzoeken, die onder andere zijn uitgevoerd dat door Dr. Ray, dat het opleidingsniveau van de ouder bij thuisonderwijs geen voorspeller is van het te behalen opleidingsniveau van de kinderen. Terwijl in het regulier onderwijs dit wel zo is. Wat ik ook heel frappant vond is dat de etnische achtergrond van de ouders ook geen duidelijke invloed heeft op de onderwijsprestaties van de kinderen. Dr. Ray vond ook in een van zijn laatste onderzoeken dat ouders geen onderwijsbevoegdheid nodig hebben om hun kinderen goed thuis te onderwijzen.
Vraag: Als je met mensen praat over thuisonderwijs, dan wordt vroeg of laat wel gesproken over socialisatie. Merk jij daar iets van bij je kinderen?
Antwoord: Dit is inderdaad een van de meest gestelde vragen aan ouders die thuisonderwijs verzorgen. De wedervraag is natuurlijk wat bedoel je met socialisatie? Van wie leren kinderen omgaan met elkaar? Welke positieve en welke negatieve dingen leren kinderen van elkaar? Kunnen zij dat ook op andere wijze zich eigen maken of in andere omgevingen dan een school? Als je socialisatie ziet als omgaan met anderen, dan kunnen contacten met mensen van alle leeftijden bijdragen tot oefening en verbetering van het sociale gedrag. Uit onderzoeken in Amerika is gebleken dat de sociale vaardigheden van kinderen die thuis onderricht worden over het algemeen goed of zelfs beter zijn dan kinderen die het reguliere onderwijs volgen. De meeste thuisonderwezen kinderen nemen namelijk deel aan naschoolse activiteiten, zoals sport, muzieklessen, padvinderij, kerkactiviteiten.
Ik zie dat ook aan mijn eigen kinderen. Ze komen veel met andere kinderen in contact, zowel door buiten te spelen als bij kerkelijke en sportactiviteiten. Ik merk dat mijn kinderen zowel met volwassenen als met kinderen kunnen omgaan. Ook met nieuw kinderen leggen ze heel erg makkelijk contact. Ik heb ooit een keer een moeder met twee kinderen van het station opgehaald. Alhoewel ze elkaar nog nooit hadden gezien, zaten ze na een paar minuten al gezellig met elkaar te kletsen achter in de auto. Ook de buurkinderen zijn bij ons veel geziene gasten. Vanmiddag nog hadden we een soort paaslunch, waarbij 4 buurkinderen spontaan bleven eten. Ze zijn graag bij ons. Volgens mijn kinderen is een van de redenen dat de kinderen bij ons veel mogen. Zomers kamperen in de achtertuin, kleien met zelfgemaakt brooddeeg, verven, zagen en timmeren en zelfs schooltje spelen met schoolmaterialen en schoolboeken die we toch al in huis hebben.
Vraag: De minister van Onderwijs heeft enige tijd geleden uitgesproken dat ze thuisonderwijs wil gaan controleren. Wat vind jij daarvan?
Antwoord: Het is in Nederland eigenlijk heel raar. Zodra je hebt gekozen voor thuisonderwijs en je hebt vrijstelling van het onderwijs trekt zeg maar de staat zijn handen terug. Er is geen controle op het onderwijs, maar er staat ook geen vergoeding tegenover.
Op zich ben ik niet tegen controle, maar het is heel bepalend hoe die controle er dan gaat uitzien. De minister wil wel controleren, maar de mogelijkheden voor vrijstelling niet uitbreiden. Het is toch vreemd dat je in Nederland alleen maar thuisonderwijs mag doen op basis van een bepaalde levensbeschouwing, dus als er geen school van jouw levensovertuiging bij jou in de buurt is. Mijn wens is dat dit stukje uit de wet wordt gehaald. Daarnaast zou het mogelijkheid moeten zijn om ook als kinderen al op school hebben gezeten het mogelijk moet zijn om te gaan thuisonderwijzen. Mr. Joke Sperling heeft dit in het artikel Thuisonderwijs in Vlaanderen: een voorbeeld voor Nederland
Zelf vind ik dit te persoonsgebonden. Ik bedoel hiermee dat het wel of niet slagen van het bezoek van de onderwijsinspectie heel erg kan afhangen van de willekeur van de inspecteur. Het is niet objectief te toetsen. Ik kan mij voorstellen dat eenoudergezin op een flatje vijfhoogachter anders wordt beoordeeld dat een gezin met een ruime, lichte en goed verzorgde woning, voorzien van diverse leermaterialen in een goedbekendstaande villawijk.
Sommige staten in Amerika werken met een soort onderwijswerkplan. Hierin moeten ze aangeven wat ze in dat schooljaar met hun kinderen willen gaan doen, welke leermaterialen ze gaan gebruiken en welke doelstellingen ze willen gaan behalen. Na dat schooljaar moeten ze aantonen dat ze zich hiervoor hebben ingespannen. Dit kan bijvoorbeeld met een portfolio met daarin allerlei werkjes, werkboekjes, foto's en verslagen e.d. van de kinderen. Op deze manier moeten ouders vooraf aangeven wat hun plannen zijn. Ook ouders die hun kinderen autonoom willen laten leren kunnen gebruik maken van portfolio's. In het onderwijswerkplan kunnen ze dan hun filosofie uiteenzetten en aangeven wat hun verwachtingen zijn. Zij kennen hun kinderen namelijk het beste.
Vraag: Je draait nu al een tijdje mee in het thuisonderwijswereld, hoe zie jij de toekomst voor thuisonderwijs?
Antwoord: Ik denk dat we ook hierin Amerika navolgen. Zo'n 30 jaar geleden kwam in Amerika de thuisonderwijsbeweging op. Tegenwoordig wordt 5% van de leerplichtige kinderen thuisonderwezen. Ik denk dat we in Nederland niet komen aan de 5%, maar ik denk dat we wel zullen gaan naar 2 of 3%. In Amerika zie je ook dat er steeds meer programma's en curricula speciaal gemaakt worden om thuis te gebruiken. In het Engelse taalgebied is er natuurlijk sprake van een grotere doelgroep dan in Nederland, maar het zou mij niet verbazen als er in Nederland steeds meer bedrijfjes komen die zich toeleggen op de ondersteuning thuisonderwijs, daarbij denk ik dan aan begeleiding en de verkoop van (onderwijs)materialen.
Vraag: Heb je nog een wens?
Antwoord: Ja, ik wens de minister van Onderwijs heel veel wijsheid toe om de juiste beslissingen te maken. Daarnaast wens ik de ouders toe dat ze een goede keuze maken voor het onderwijs van hun kinderen. Kijk naar wat het beste is voor jouw kind en overweeg daarbij alle mogelijkheden, ook thuisonderwijs.
Elly Stouten is de eigenaar van deze website over thuisonderwijs